Wanneer zelfstandig bewegen minder vanzelfsprekend wordt, komt al snel de vraag naar voren welke ondersteuning er mogelijk is vanuit de gemeente. De Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) speelt hierin een belangrijke rol. Via de WMO kun je ondersteuning krijgen bij het behouden van zelfstandigheid.
Bij Hendriks Care krijgen we dagelijks vragen over de WMO-aanvraag en wat er precies mogelijk is binnen deze regeling. In deze blog leggen we je stap voor stap uit wat de WMO inhoudt, hoe het werkt en waar je rekening mee moet houden. Wat is de WMO precies en waarvoor is het bedoeld?
De WMO is een wet die door de gemeente wordt uitgevoerd en bedoeld is om mensen zo lang mogelijk zelfstandig te laten wonen en deelnemen aan het dagelijks leven. Denk hierbij aan zelfstandig boodschappen doen, sociale contacten onderhouden, naar werk kunnen gaan of veilig thuis kunnen bewegen.
Wanneer mobiliteit een belemmering vormt, kan de gemeente via de WMO ondersteuning bieden in de vorm van een passend hulpmiddel. In de praktijk gaat het vaak om een elektrische rolstoel, een balansrolstoel of andere mobiliteitsoplossingen. De gemeente kijkt daarbij niet alleen naar de medische situatie, maar vooral naar wat jij nodig hebt om zo lang mogelijk zelfstandig thuis te blijven wonen en deel te nemen aan de samenleving.
Hoe werkt een WMO-aanvraag?
Bij Hendriks Care merken wij dat er veel belang is voor een duidelijke uitleg. Merk je dat het huishouden te zwaar wordt, heb je hulpmiddelen nodig om je te verplaatsen, of zoek je begeleiding in het dagelijks leven? Dan heb je waarschijnlijk recht op hulp via de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO). Hierbij een duidelijk stappenplan om jouw WMO-aanvraag te laten slagen:
Stap 1: De voorbereiding
Voordat er contact wordt opgenomen met de gemeente, is het verstandig om helder te krijgen waar de knelpunten zitten. De gemeente kijkt namelijk niet alleen naar de beperkingen, maar ook naar wat er nog wél mogelijk is.
-
Maak een concrete lijst: Schrijf op welke activiteiten niet meer lukken (bijv. zelfstandig douchen, sociaal contact, het huis schoonhouden).
-
Inventariseer het netwerk: Is er een partner of inwonend kind? De gemeente noemt hulp van huisgenoten ‘gebruikelijke zorg’. Er wordt verwacht dat zij bepaalde taken overnemen. Woont de hulpbehoevende alleen, dan ligt dit anders.
-
Verzamel informatie: Zijn er medische gegevens beschikbaar die de situatie onderbouwen? Leg deze alvast klaar.
Een tip van onze specialisten: Doet u de aanvraag voor een ander? Bespreek deze stap goed samen. Vaak vindt degene die hulp nodig heeft het lastig om toe te geven hoe slecht het eigenlijk gaat.
Stap 2: De melding doen bij de gemeente
Het proces start niet direct met een formele aanvraag, maar met een melding. Dit kan op drie manieren:
-
Digitaal: Via de website van de gemeente. Let op: hiervoor is de DigiD van de persoon die hulp nodig heeft vereist.
-
Telefonisch: Bel het algemene nummer van de gemeente en vraag naar het sociale wijkteam of WMO-loket.
-
Fysiek: Veel gemeenten hebben een inloopspreekuur in het wijkcentrum.
Na de melding heeft de gemeente formeel 6 tot 8 weken de tijd voor onderzoek.
Stap 3: Het vooronderzoek en de afspraak
Na de melding neemt een WMO-consulent contact op. Soms worden er telefonisch al vragen gesteld, maar meestal volgt er een afspraak voor een huisbezoek: het keukentafelgesprek. Wij merken dat niet iedereen weet dat je als persoon wettelijk recht hebt Onafhankelijke Cliëntondersteuner. Dit is iemand die niet voor de gemeente werkt, maar u of uw naaste gratis helpt bij het gesprek. Dit is zeer aan te raden als u het gesprek spannend vindt of bang bent dat u niet goed uit uw woorden komt.
Stap 4: Het Keukentafelgesprek
De consulent komt thuis langs bij degene die de hulp nodig heeft. Dit is het moment waarop de situatie wordt beoordeeld. Tijdens dit gesprek is het cruciaal om een realistisch en geen wenselijk beeld te schetsen. We zijn vaak geneigd om ons groter te houden dan we zijn (“Het gaat wel”), maar beschrijf de situatie juist zoals deze is op de slechtste dagen. Schroom daarbij niet om knelpunten letterlijk te demonstreren, bijvoorbeeld door ter plekke te laten zien waar het misgaat bij het traplopen. Voor de aanwezige mantelzorger ligt hier een belangrijke taak: laat uw naaste zoveel mogelijk zelf het verhaal vertellen, maar breek in zodra de werkelijkheid te rooskleurig wordt voorgesteld. Gebruik dit moment ook direct om uw voorkeur voor de leveringsvorm te bespreken, waarbij u de keuze maakt tussen Zorg in Natura (alles geregeld door de gemeente) of de eigen regie van een Persoonsgebonden Budget (PGB)
Stap 5: Het verslag en de formele aanvraag
Na het gesprek maakt de consulent een gespreksverslag. Dit wordt naar de aanvrager toegestuurd. Lees dit grondig door! Check goed na of alles klopt en geef direct aan als er nog iets is.
Stap 6: De Beschikking
De procedure eindigt wanneer de aanvrager de beschikking ontvangt, de brief waarin het definitieve besluit zwart op wit staat. Bij goedkeuring vindt u hierin alle details over de aard, duur en vorm van de hulp, terwijl een eventuele afwijzing duidelijk gemotiveerd moet zijn zodat u indien nodig binnen zes weken bezwaar kunt maken. Wees u er wel van bewust dat WMO-hulp doorgaans niet kosteloos is: via het CAK wordt een eigen bijdrage in rekening gebracht, het abonnementstarief is dit jaar (2026) vastgesteld op maximaal € 21,80 per maand per huishouden.
WMO-vergoeding via de gemeente of zorgverzekering?
Een WMO-vergoeding verloopt in principe via de gemeente. In de meeste situaties wordt het hulpmiddel in bruikleen verstrekt. Dat betekent dat je het mobiliteitshulpmiddel mag gebruiken zolang je het nodig hebt en zolang de indicatie van de gemeente geldig is. In sommige situaties kunnen mobiliteitshulpmiddelen ook (gedeeltelijk) via de zorgverzekering worden vergoed. Het verschil zit vooral in het doel van de ondersteuning. De WMO is bedoeld om je te helpen zo zelfstandig mogelijk te blijven wonen en actief te blijven deelnemen aan het dagelijks leven. De zorgverzekering richt zich juist op medische zorg en behandeling. Heb je bijvoorbeeld een rolstoel of ander hulpmiddel nodig om zelfstandig naar buiten te kunnen, boodschappen te doen of familie te bezoeken? Dan valt dit meestal onder de WMO.
Gaat het om een hulpmiddel dat direct voortkomt uit een medische behandeling of revalidatie, dan wordt eerder gekeken naar vergoeding via de zorgverzekering. Omdat dit onderscheid in de praktijk regelmatig voor verwarring zorgt, helpt Hendriks Care je graag bij het bepalen van de juiste route. Op basis van jouw persoonlijke situatie kijken we samen of een aanvraag via de gemeente of via de zorgverzekering het meest passend is.
Wat wordt wel en niet vergoed door de gemeente binnen de WMO?
Binnen de WMO wordt altijd gekeken naar wat noodzakelijk is om jouw zelfstandigheid te ondersteunen. In de praktijk betekent dit dat hulpmiddelen vergoed kunnen worden wanneer zij aantoonbaar bijdragen aan jouw zelfredzaamheid. Niet elk hulpmiddel of iedere uitvoering wordt automatisch vergoed. De gemeente beoordeelt of het hulpmiddel functioneel noodzakelijk is en of er geen eenvoudigere oplossing mogelijk is. Daarom is het belangrijk dat goed wordt onderbouwd waarom een specifiek hulpmiddel in jouw situatie nodig is. Hoewel de gemeente bepaalt welk type voorziening passend is, spelen jouw voorkeur en persoonlijke situatie wel degelijk een rol. Wanneer je kunt aantonen waarom een bepaalde oplossing beter aansluit bij jouw leefstijl, dagelijkse activiteiten en omgeving, kan dit meegenomen worden in de beoordeling.
Zo helpt Hendriks Care je bij je WMO-aanvraag
Het aanvragen van een WMO-vergoeding kan soms complex zijn. Hendriks Care ondersteunt je gedurende het hele proces, van het vaststellen van jouw mobiliteitsbehoefte tot het voorbereiden van de aanvraag bij de gemeente. Onze specialisten geven persoonlijk advies over welke hulpmiddelen het beste aansluiten bij jouw situatie, dagelijks leven en omgeving.
We helpen bij het verzamelen van de juiste informatie, het opstellen van een duidelijke motivatie en het plannen van eventuele proefritten. Zo vergroot je de kans dat de gemeente jouw aanvraag goed begrijpt en een passend hulpmiddel toekent. Of het nu gaat om een balansrolstoel of een andere mobiliteitsoplossing, Hendriks Care staat voor je klaar om het proces zo soepel mogelijk te laten verlopen.
Veelgestelde vragen over WMO
Welke documenten heb ik nodig voor een WMO-aanvraag?
- Bij een WMO-aanvraag vraagt de gemeente om persoonlijke gegevens, informatie over je gezondheid en beperkingen in het dagelijks leven. Vaak is aanvullende medische informatie nodig om je situatie volledig te beoordelen.
Hoelang duurt een WMO-aanvraag?
- De duur van een WMO-aanvraag verschilt per gemeente en per situatie. Gemiddeld kan dit enkele weken tot enkele maanden duren, afhankelijk van de snelheid van het onderzoek en de beschikbaarheid van afspraken. Door vooraf al inzicht te hebben in welke mobiliteitsoplossing het beste bij jou past, verloopt het proces vaak sneller.
Wat als mijn WMO-aanvraag wordt afgewezen?
- Als je aanvraag is afgewezen, betekent dat niet automatisch dat er geen mogelijkheden meer zijn. Je kunt namelijk bezwaar maken tegen de afwijzing binnen zes weken na ontvangst van het besluit en daarbij aanvullende informatie aanleveren om je situatie verder toe te lichten
Wat nemen we mee bij jouw WMO-aanvraag?
- Bij een goede aanvraag hoort een duidelijke en complete onderbouwing. Hendriks Care helpt je om jouw dagelijkse situatie inzichtelijk te maken en te vertalen naar een praktisch hulpmiddelenadvies.
Wil je direct starten met jouw aanvraag? Plan dan een oriëntatieafspraak. Samen zorgen we voor een duidelijke en complete onderbouwing voor jouw WMO-aanvraag. Ook zijn wij dit jaar wederom aanwezig op de Veinedagen jaarsbeurs in Utrecht op 16, 17 en 18 April.
